FR / NL
> > > PMS: definitie, oorzaken en symptomen

PMS: definitie, oorzaken en symptomen

04/01/2019

Enkele dagen voor hun menstruatie kunnen vrouwen last krijgen van bepaalde symptomen. Zijn deze klachten gerelateerd aan de menstruatiecyclus, dan spreekt men van het premenstrueel syndroom (PMS). Hoewel de klachten voor ongemak kunnen zorgen, zijn ze meestal niet ernstig en verminderen ze op de eerste dag van de menstruatie.

De symptomen van PMS

De symptomen van PMS kunnen sterk wisselen. Sommige vrouwen ondervinden nauwelijks hinder van hun menstruatie, terwijl anderen maandelijks geplaagd worden door hevige klachten. Ook kunnen de symptomen per menstruatiecyclus en per levenscyclus verschillen. Zo zal een tienermeisje andere klachten hebben dan een vrouw die vlak voor de menopauze staat. De symptomen van PMS zijn onder te verdelen in fysieke, emotionele en gedragsgerelateerde klachten.

Fysieke klachten

  • Krampen of een opgeblazen gevoel in de buik
  • Diarree of constipatie
  • Buikpijn
  • Vermoeidheid
  • Hoofdpijn
  • Acne
  • Temperatuurschommelingen of opvliegers
  • Gespannen en/of pijnlijke borsten
  • Veranderingen in de eetlust
  • Schommelingen in de bloeddruk
  • Lage rugpijn
  • Oedeem

Emotionele klachten

  • Woede
  • Angst
  • Stemmingswisselingen
  • Neerslachtigheid (zich down voelen)
  • Verstoorde nachtrust
  • Een laag libido

Gedragsgerelateerde klachten

  • Verwardheid
  • Zenuwachtig zijn
  • Concentratieproblemen
  • Lusteloosheid

Meer last van PMS op je dertigste

Kenmerkend voor PMS (of ook wel PMDD) is dat de klachten spontaan verdwijnen op de dag dat je ongesteld wordt. Voorafgaand aan de volgende menstruatie keren ze dan weer terug. De symptomen van PMS doen zich vooral voor bij vrouwen van rond de dertig jaar of na een zwangerschap. Jongere vrouwen hebben relatief minder vaak last van PMS. Over het algemeen geldt: hoe ouder je wordt, hoe erger de klachten. Maar er is ook goed nieuws: tijdens de menopauze verdwijnen de klachten doorgaans definitief.

De oorzaak van PMS

Hoewel PMS samenhangt met de menstruatiecyclus, is er nog geen duidelijke oorzaak voor gevonden. Zo tasten artsen nog altijd in het duister over de vraag waarom de ene vrouw er last van krijgt en de andere niet. Wel is duidelijk dat vrouwen met PMS-klachten relatief gevoeliger zijn voor hormoonwisselingen. Tijdens het aanmaken van progesteron (na de ovulatie) hebben hun hersenen een tekort aan serotonine. Waarschijnlijk is dit genetisch bepaald.

Hypothesen voor het ontstaan van PMS

Hoewel er geen duidelijke oorzaak is aan te geven voor PMS, hanteren artsen wel een aantal hypothesen. De voornaamste zijn:

  • Hormonale schommelingen. Tijdens de menstruatiecyclus schommelt het gehalte van oestrogeen en progesteron, vrouwelijke hormonen die de vruchtbaarheid regelen. Deze hormonale schommelingen zouden verantwoordelijk zijn voor de fysieke, emotionele en gedragsmatige veranderingen bij de vrouw. Deze hypothese wordt ondersteund door het feit dat PMS zich uitsluitend voordoet bij vrouwen die menstrueren. De symptomen doen zich niet voor na de menopauze of bij vrouwen bij wie de eierstokken werden weggenomen. Anderzijds vertonen de hormoonspiegels van vrouwen die wel en niet aan PMS lijden onderling weinig verschillen.
  • Voeding en allergie. Bepaalde voedingsmiddelen zouden het premenstrueel syndroom kunnen bevorderen. Dat geldt met name voor chocolade, alcohol en cafeïne (te vinden in onder meer koffie en cola).
  • Genetische invloeden. Uit tweelingenstudies bleek dat de kwaal bij eeneiige tweelingen met PMS in 93% gevallen bij beide zussen voorkomt. Bij twee-eiige tweelingen is dat 44% en bij gewone zussen slechts 31%. Ook blijkt dat dochters meer kans lopen op PMS als hun moeders dat ook hadden. Toch achten wetenschappers erfelijkheid daarmee niet onomstotelijk bewezen. Er kan namelijk ook sprake zijn van aangeleerd gedrag. Krijgt een meisje van huis uit mee dat de menstruatie hinderlijk is, dan zal ze wellicht ook meer openstaan voor klachten. In culturen waarin vrouwen hun menstruatie zien als een uiting van vrouwelijkheid, komt PMS amper voor.
  • De hypothese die momenteel het meest voor waar wordt aangenomen, is dat PMS het gevolg is van een tijdelijk tekort aan neurotransmitters. Neurotransmitters zijn stoffen die informatie overdragen van de ene zenuw naar de andere. Vlak voor de menstruatie zouden vrouwen een tekort hebben aan de neurotransmitters serotonine en gamma-aminoboterzuur. Dit gebrek zou verantwoordelijk zijn voor emotionele ongemakken zoals angsten en neerslachtigheid. Ook zou het tekort aan serotonine mogelijk de veranderingen in eetlust en gemoedstoestand kunnen verklaren waar veel vrouwen tijdelijk onder gebukt gaan.